%@LANGUAGE="VBSCRIPT" CODEPAGE="1252"%>
| Boks Maarten Spanjer |
| Commissaris A.A. Schneider Joost Prinsen |
| Laurens technisch rechercheur Ellik Bargai |
| Sascha & Micky Bracha van Doesburgh/Hanna Verboom |
| Mohammed - Sabri Saad El Hamus |
| Agent Willem Jongbloed - Jim Bakkum |
Martin Boks
Martin Boks woont in een groot grachtenpand op de Prinsengracht in Amsterdam,
dat hij geerfd heeft van zijn tantes. Hij is betrouwbaar en intelligent,
scherp en intuitief. Maar ook eigengereid, overtuigd van eigen gelijk en
vergeetachtig. Hij lijdt aan slapeloosheid, vooral als hij met een zaak
bezig is. Dan gaat hij ’s nachts naar de snackerette van zijn vriend
Mohammed, waar hij de was doet en daarna zit te peinzen over de zaak waar
hij mee bezig is.
Boks neemt altijd rustig de tijd om een ‘plaats delict’ op hem
in te laten werken. Hij wil zich kunnen verplaatsen in daders, voelen wat
zij gevoeld hebben. Zo heeft hij eens, na een dodelijke schietpartij op
het Leidseplein, het hele plein laten ontruimen en is hij daar een half
uur gaan staan nadenken, omdat hij in alle rust de situatie op zich in wilde
laten werken.
De meest opvallende eigenschap van Boks is dat hij geen klassieke held is die alles goed doet en daardoor boven de gemiddelde mens staat. Hij is soms slordig en dat weet hij. Hij haat dat van zichzelf, maar weet ook dat het niet te veranderen valt. Hij stort zich met hart en ziel op een zaak, en vergeet dan ook van alles: de was in de snackerette, een getuige die hij beneden in de gang heeft neergezet om te laten wachten, twee parkeerwachters die hij in de cel heeft laten gooien. Maar hij vergeet ook gewoon te eten en te slapen...
Boks heeft geen 8-urige werkdag, hij werkt de klok rond aan een zaak, met name omdat hij het liefst alleen in alle rust werkt – en toch niet kan slapen.
Boks rijdt in een 40-jaar oude grijskleurige
Mercedes, waarin hij ook geregeld in slaap valt. Zijn hobby is het verzamelen
van reisgidsen, om toch ooit eens die prachtige reis naar een warm strand
te maken – want daar zijn vast geen misdrijven die hem achtervolgen,
denkt Boks...
Commissaris A.A. Schneider
Schneider is de commissaris van het binnenstadsdistrict,
die door onbegrijpelijke oorzaak in functie kan blijven. Zijn kantoor in
het kleinste kamertje in het bureau en heeft de hem toegewezen secretaresse
geweigerd. Hij haat management-vergaderingen, papierwerk en secretaresses.
Hij wil het liefst mee met Boks om onderzoeken te doen, en valt Boks dan
ook steeds lastig met de vraag of hij ‘iets kan betekenen in dit onderzoek’.
Vreemd genoeg is het juist Boks die hem af moet remmen, want Schneider wil
nog wel eens ruzie maken met justitie en zelf de beslissingen nemen. Hij
haat mensen die autoritair doen, alleen vanwege hun rang. Respect moet je
verdienen, dat krijg je nooit.
Hij is een ‘baas’ die
je graag zou willen hebben; als je iets fout doet zal hij je ongenadig de
huid volschelden, maar hij beschermt je ook. Hij is fanatiek, eigenwijs
en heeft humor. Een dodelijke combinatie voor een commissaris.
Laurens technisch rechercheur
Laurens is een toponderzoeker in zijn vakgebied,
de forensische onderzoeken. Zijn van de meest moderne apparatuur voorziene
laboratorium is zijn territorium, waar hij heer en meester is. Boks jaagt
hem altijd op, zodat er tussen hen een gezonde strijd is. Boks wil iets
nu en meteen, maar Laurens neemt de tijd voor grondige technische onderzoeken.
Hij gaat als laatste weg bij een plaats delict. Hij gaat door als anderen
allang hebben afgehaakt. Hij wekt de indruk een hekel aan zijn werk te hebben
en vooral aan Boks, maar niets is minder waar. Hij wil alleen nooit gestoord
worden, en telkens als Boks hem nodig heeft (en dat is vaak!), gebeurt dat
dus.
Laurens vervult als technisch rechercheur een ondersteunende taak bij het onderzoek, maar wel een enorm belangrijke. En Laurens weet vaak net dat te vinden, wat het onderzoek weer iets verder kan sturen. Hij is een staat om een nacht door te werken en op handen en knieen een vloer te doorzoeken op DNA-materiaal.
Hoewel Boks iemand is die van ouderwets speurwerk houdt, beseft hij terdege dat de moderne rechercheur niet zonder Forensisch onderzoek en bewijs kan. Laurens, op zijn beurt, is gegrepen door alle facetten van het politiewerk, al zal hij dat nooit toegeven. Bij tijd en wijle blijft hij hangen op de PD, alleen al om te weten hoe het verder gaat met de zaak. Waar hij kan, zal hij helpen. Het privé-leven van Laurens blijft een mysterie. Op welk tijdstip Boks Laurens ook belt, het komt schijnbaar altijd erg ongelegen. Maar Laurens is geen wereldvreemd type; zijn kledingkeus verraadt dat wel....
Sascha & Micky
Sascha en Micky huren beiden een kamer in de
enorme woning van Boks.
Vanwege de woningnood, bood Boks aan hun vader (een collega-rechercheur)
aan ze de zolderkamers te geven. Ze maken daar graag gebruik van, alleen
al omdat Boks er geen geld voor vraagt. Dat vind hij onzin, om van studentes,
die toch al geen geld hebben, geld te vragen.
Micky wil daar graag iets voor terug doen, en doet de was voor Boks en maakt
eten voor hem. Dit tot wanhoop van Boks, die vindt dat ze niet kan wassen
en strijken.
Micky studeert rechten en Sascha volgt een mangement opleiding voor de politie; zij wil in het voetspoor van haar vader treden. Juist vanwege die studie is ze vaak op het politiebureau te vinden, waar ze haar stage voorbereidt. Omdat Sascha ten eerste erg aardig is, en ten tweede een constant frisse kijk op zaken heeft, laat Commissaris Schneider het oogluikend toe als Boks haar af en toe bij zaken betrekt.
Vaak ook schiet Micky Boks te hulp. Zo heeft zij
eens een videoband van een bewakingscamera die vijf uur duurde afgekeken,
toen Boks na twaalf minuten op de bank in slaap was gevallen.
Het zijn streetwise, echte jonge Amsterdamse meiden, die je niets op de
mouw hoeft te spelden. Hun enthousiasme moet wel eens ingeperkt worden,
want soms wil Boks hen beschermen tegen de ellende van de maatschappij,
maar dat hebben ze niet nodig ; ze redden zich prima, al lijkt het er wel
eens op dat ze zich zo in de nesten werken dat het hopeloos is....
Mohammed
Mohammed heeft een buurtfunctie. Hij is eigenaar
van een snackbar, die hij heeft doorgetrokken naar achteren, en achter in
het pand heeft hij een wasserette geopend, die 24 uur per dag open is. Sinds
kort heeft hij de naam bedacht ‘de snackerette’. Het enige probleem
is dat de afzuiginstallatie van de snackbar is gecombineerd met de afvoer
van de droogautomaten, en die slaat nog wel eens terug – zodat Boks’
overhemden keurig naar patat stinken, als hij ze uit de droger haalt.
Mohammed is van Egyptische afkomst
en geliefd in de buurt. Hij kan ontzettende problemen relativeren met een
oude wijsheid, een korte zin. Glimlachend ziet hij hoe Boks keer op keer
de was vergeet en weer wegrent als hij iets bedenkt, dat hij meteen moet
doen. Mohammed runt schijnbaar alleen de winkel. Boks heeft de indruk dat
Mohammed 24 uur per dag in de zaak is, en misschien is dat ook wel zo. Mohammed
maakt zich zorgen om Boks; om het feit dat hij niet slaapt en niet goed
eet. Keer op keer heeft hij een Egyptische specialiteit voor Boks klaarstaan.
De snackerette is een oase van rust en warmte voor Boks.
Mohammed heeft wel idealen; zo zingt en danst hij graag, en speelt hij toneel
in het buurttheater. Ooit, zegt hij, ooit zal hij op Broadway staan....
Willem Jongbloed
Willem Jongbloed is een agent, die gesolliciteerd
heeft bij de recherche, maar keer op keer lijkt zijn sollicitatiebrief er
niet door te komen. Hij weet niet dat Schneider de brieven verzamelt in
zijn bureaula, en wacht tot hij vindt dat Willem rijp is voor de recherche.
Ondanks dat, is Willem overal vaak als eerste bij en wil hij graag helpen
bij het onderzoek. De tijd van bonnen geven aan mensen die drie kilometer
te hard hebben gereden, is hij al voorbij; hij wil meer, verder. “Geef
mij maar een goeie moord!”
Toch moet Boks hem vaak teleur stellen, Willem is er nog niet aan toe..
Willem doet graag klusjes voor Boks, en als hij een keer mag, laat Schneider
hem gaan. “Het is een goeie jongen.” zegt hij dan.
Naast oog voor misdaad, heeft Willem ook oog voor het vrouwelijk schoon.
Met een scheef oog kijkt hij nog wel eens naar Sascha en Micky, maar voorlopig
durft hij geen van beide rechtstreeks mee uit te vragen. Hoe doortastend
Willem in een onderzoek kan zijn, in dat opzicht lijkt hij af en toe verlegen.
Of ligt het aan Micky en Sascha?